6.7. Educatie insulinetherapie ontregeling

Wanneer de huisarts bellen:

1) Braken = Bellen:
Neem contact op met de huisarts of dienstdoend arts. Meet extra de bloedsuikers iedere 2 uur.

Bij Braken:

  • Ongeacht de hoogte van de bloedsuikers en de oorzaak van de klachten kunt u het best binnen 2 uur contact met de huisarts opnemen of een weekendarts raadplegen.¬†
  • Blijft u korter dan 3-4 uur braken en lukt het u met regelmaat kleine hoeveelheden te drinken, dan kan zo nodig bij te hoge bloedsuikerwaarden gehandeld worden volgens de 2-4-6 regel.
  • Bij verbetering binnen 3-4 uur; blijven drinken en gedurende 24 uur de bloedsuikers blijven controleren om de 2 uur.
  • Geen verbetering binnen 3-4 uur, beoordeling van toestand door de huisarts


2) Bij ziekte/koorts waarbij de bloedsuiker waarden stijgen boven de 15 is er sprake van ontregeling. Meestal moet er extra insuline gespoten worden. Overleg met de huisarts/praktijkondersteuner over de behandeling.

  • De ontregeling wordt doorgaans behandeld volgens de 2-4-6 regel, tenzij het om een milde en kortdurende ontregeling gaat die binnen enkele uren weer is gestopt.


3) Veranderingen (geleidelijk of plotseling) in de dagcurves waardoor bij herhaling hypoklachten (te lage waarden <4) of hyperklachten (te hoge waarden > 10) ontstaan, die door u zelf niet op te lossen zijn.


4) Bij spuitfouten; verkeerde dosis insuline, verwisseling van insuline, vergeten insuline e.d.


5) Bij ontregeling als gevolg van een medische behandeling: prednisonkuur of cytostaticakuur.


6) Andersoortige vragen die verband houden met het gebruik van insuline; problemen met de insulinepen, naalden, prikpen of glucosemeter.

© 2019 Steunpunt KOEL