10.2.5. Diabetes mellitus en geriatrische syndromen

Polyfarmacie

Structureel overleg tussen apotheker en behandelaar dient met het oog op evaluatie van de medicatie plaats te vinden. De behandelaar dient bij de oudere persoon met diabetes mellitus gericht te vragen naar gebruikte zelfmedicatie.

 

Depressie

De kwetsbare oudere met diabetes mellitus heeft een verhoogd risico op een depressie en dient derhalve onderzocht te worden op een depressie gedurende de initiële evaluatieperiode (eerste drie maanden bij opname of na eerste contact) en wanneer er een onverklaarde achteruitgang in de klinische status optreedt. Hiervoor kan een gevalideerd instrument gebruikt worden. Depressie kan een belemmering voor zelfmanagement zijn.

 

Cognitieve beperkingen

Evaluatie van het cognitief functioneren van ouderen met diabetes dient onderdeel te zijn van de initiële evaluatie, bij de evaluatie van complicaties van diabetes en bij een opmerkelijke verandering van de klinische status. Van een veranderde klinische status is ook sprake indien de oudere persoon met diabetes mellitus steeds meer moeite met zelfzorg heeft.

Bij (verergering van) cognitieve beperkingen bij kwetsbare ouderen met diabetes mellitus is het van belang alert te zijn op hypo- of hyperglykemieën en hypotensie.

 

Valincidenten

Ouderen met diabetes mellitus dienen te worden gescreend op valrisico, met aandacht voor hun mogelijkheden om vallen te voorkomen

 

© 2019 Steunpunt KOEL