10.2.4. Microvasculaire complicaties bij kwetsbare ouderen

Diabetische retinopathie

De kwetsbare oudere bij wie diabetes mellitus wordt geconstateerd dient een oogonderzoek (met verwijde pupil) te krijgen, uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van een oogarts.

Als na het eerste oogonderzoek bij de diagnose diabetes mellitus blijkt dat er geen sprake is van retinopathie, lijkt vervolgcontrole hierop niet noodzakelijk, tenzij klachten ontstaan. Als in dat eerste oogonderzoek wel retinopathie wordt geconstateerd dient vervolgcontrole plaats te vinden onder verantwoordelijkheid van de oogarts.

 

Diabetische voet

De kwetsbare oudere met diabetes mellitus moet minimaal jaarlijks een zorgvuldig onderzoek van de voeten hebben waarin aandacht wordt geschonken aan de integriteit van de huid, eventuele botmisvorming, verminderde sensatie en verminderde doorbloeding. Wanneer een van de bovenstaande punten geconstateerd is, wordt geadviseerd minimaal een keer per drie maanden of zonodig vaker te controleren. Verder is goede voetzorg door verzorgend personeel van belang, alsmede dagelijkse observatie en rapportage van voetafwijkingen door verzorgend en verplegend personeel. Wanneer een pedicure betrokken is, dient deze te beschikken over een aantekening diabetische voet of medisch pedicure te zijn.

 

Diabetische nefropathie

Een diabetische nefropathie wordt gekarakteriseerd door hypertensie, proteïnurie en langzaam optredend nierfunctieverlies.

Monitoren op diabetische nefropathie kan door middel van een jaarlijkse meting van het serum creatinine en proteïnurie in een portie urine.

Bepaal in dat geval jaarlijks het serumcreatinine, schat de eGFR met gebruikmaking

van de MDRD-formule en bepaal de albumine/creatinine ratio. Bij een patiënt van < 70 kg dient herberekening met de cockcroft-gault-formule dan wel correctie van de uitkomst van de MDRD-formule voor het lichaamsoppervlak plaats te vinden.

  • Overweeg verder onderzoek of verwijzing naar een nefroloog bij klaring van <60 ml/min, proteïnurie en wanneer een van de volgende punten van toepassing is:
    • bloeddruk is bijzonder hoog of therapieresistent persisterende microscopische hematurie
    • de eGFR is dramatisch verslechterd (klaring van <30 ml/min) of er is een voortschrijdende nierinsufficiëntie bij een bekende diabetische nefropathie


Diabetische neuropathie

Bij alle patiënten met verdenking op een polyneuropathie moet in de anamnese ten minste worden gevraagd naar sensibele, motorische en autonome klachten, de verdeling van deze klachten en naar problemen met de coördinatie.

Daarna moet een neurologisch onderzoek worden verricht dat ten minste het volgende omvat:

sensibiliteitsonderzoek van alle kwaliteiten, waarbij er moet worden gelet op

  • symmetrie en een gradiënt van distaal naar proximaal;
  • reflexen;
  • onderzoek van de kracht.

Daarnaast moet er worden gelet op het voorkomen van autonome verschijnselen.

Voor de behandeling van pijnlijke diabetische neuropathie zijn nortriptyline, duloxetine, gabapentine en pregabaline behandelingsopties.

 

© 2019 Steunpunt KOEL