10.2. Diabeteszorg bij kwetsbare ouderen

10.2. Diabeteszorg bij kwetsbare ouderen

Gebaseerd op de Multidisciplinaire Verenso-richtlijn: Verantwoorde Diabeteszorg bij kwetsbare ouderen thuis en in verzorgings- of verpleeghuizen.

Kwetsbare ouderen is een groep patiënten die gekenmerkt worden door :

  • Hoge tot zeer hoge leeftijd 
  • Kwetsbaar en veelal chronisch ziek 
  • Lichamelijke beperkingen
  • Psychische, communicatieve en/of sociale beperkingen.
  • Tijdelijk of blijvend niet in staat zelfstandig te functioneren.
  • Multipele pathologie
  • Wonen thuis of in een verzorgings- of verpleeghuis

Diabeteszorg in al zijn facetten is maatwerk.

Met alle kennis die voorhanden is, dient een op de patiënt toegesneden behandel- en zorgleefplan te worden gemaakt waarbij diagnostiek, controles, behandeling, participatie en educatie aan bod komen.

Cardiovasculair risicomanagement is bij kwetsbare ouderen met diabetes van groot belang. Daarnaast dient gestreefd te worden naar een zo fysiologisch mogelijke glucoseregulatie. Hogere glucosewaarden kunnen – zolang ze geen klachten geven – echter acceptabel zijn bij een beperkte levensverwachting en indien daarmee hypoglykemieën kunnen worden voorkomen.


Specifieke aandachtspunten bij de behandeling van diabetes bij kwetsbare ouderen
 

  • De levensverwachting is vaak belangrijker dan leeftijd voor het bepalen van het medisch beleid
  • De manier waarop hypo- of hyperglykemieën zich manifesteren bij kwetsbare ouderen kan duidelijk verschillen van een relatief gezonde populatie
  • Streefwaarden voor bloeddruk kunnen soepeler gehanteerd worden dan in de meeste richtlijnen staat vermeld.
  •  Wanneer de bloeddruk boven de 160 mmHg systolisch is dient behandeling overwogen te worden.
  • Bij zeer hoge leeftijd zijn nog hogere tensies aanvaardbaar.
  • Laat bij voorkeur de systolische bloeddruk niet onder de 140-150 mmHg komen.
  • Een levensverwachting van minder dan twee jaar, orthostatische hypotensie, significante bijwerkingen of patiëntenvoorkeuren kunnen redenen zijn om de streefwaarde naar boven bij te stellen
  • Alleen indien er occlusief vaatlijden is aangetoond en er geen historie is met bloedingen (gastrointestinaal of cerebraal) kan acetylsalicylzuur worden overwogen
  • Statines hebben slechts zin indien de levensverwachting meer dan twee jaar bedraagt.
  • Terughoudendheid met starten van statines bij hoogbejaarden lijkt gerechtvaardigd
  • Streefwaarden voor HbA1c kunnen op zijn minst worden versoepeld tot 69 mmol/mol (8,5%) indien de levensverwachting minder is dan vijf tot zes jaar.
  • Het is belangrijker dat er geen hypoglykemieën optreden dan dat de glucosewaarden scherp worden ingesteld
  • Vanwege het risico op langdurige hypoglykemieeën dienen er geen langwerkende SU derivaten te worden gebruikt
  • Als insulinetherapie wordt gegeven met langwerkende insulinepreparaten bestaat er een lichte voorkeur voor analoge preparaten indien (nachtelijke) hypoglykemieen een probleem vormen.
  • Controles op het optreden van microvasculaire complicaties of macrovasculaire complicaties kunnen verminderd worden onder bepaalde omstandigheden zoals:
    • De kwetsbare oudere bij wie diabetes wordt geconstateerd dient een oogonderzoek (met verwijde pupil) te krijgen, uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van een oogarts. Als na het eerste oogonderzoek bij de diagnose diabetes mellitus geen retinopathie wordt vastgesteld, lijkt vervolgcontrole hierop niet noodzakelijk tenzij klachten ontstaan. Als na het eerste oogonderzoek bij de diagnose diabetes mellitus wel retinopathie word vastgesteld, dient vervolgcontrole plaats te vinden onder verantwoordelijkheid van een oogarts
    • Voetencontrole dient bij hoog risicopatiënten een keer per drie maanden plaats te vinden, bij laag risicopatiënten een keer per jaar
    • Controle op microalbuminurie wordt niet aanbevolen als de levensverwachting korter dan tien jaar bedraagt en als er geen intentie bestaat zo nodig ook tot dialyse over te gaan
    • De kwetsbare oudere met diabetes mellitus heeft een verhoogd risico op een depressie en verminderd cognitief functioneren
    • Diabeteseducatie aan deze doelgroep dient bij voorkeur in aanwezigheid van hun mantelzorgers/familie te gebeuren

© 2019 Steunpunt KOEL