1.3.1.g. Penspuitinstructie

Vrijwel alle subcutane insuline-injecties worden gegeven met een insulinepen, deze zijn er als duurzame vaste pen en als wegwerppen. De keuze van het penspuitsysteem wordt bepaald door: gebruikersgemak, eventuele handicaps van de patiënt, keuze insulinesoort, voorkeur patiënt, voorkeur hulpverlener.

Beschikbare pensystemen kunt u vinden op: www.diabetes2.nl/apparatuur.

Insuline moet subcutaan worden toegediend.

 

Voor instructie spuittechniek link bijlage F.

EADV richtlijn: 'Het toedienen van insuline met de insulinepen'
Aandachtspunten zijn:

  • Insuline moet subcutaan worden toegediend
  • Kort/snelwerkend in de buik, middellang/langwerkend in de benen
  • Binnen injectiegebied roteren
  • Indien injectie pijnlijk terugkoppelen naar praktijkondersteuner/DVK, educatie
  • Insulinepen en bijbehorende materialen zijn voor strikt individueel gebruik
  • Injecteer in een schone droge huid die onbeschadigd is
  • Desinfectie is niet nodig
  • Aangebroken insulineverpakking bewaren op kamertemperatuur
  • Insulinevoorraad bewaren in koelkast (NB insuline mag nooit bevriezen à onwerkzaam)
  • Bij troebele insulines (met protamine) eerst zwenken 10x
  • Bij dosis > 40E de dosis opsplitsen
  • Pennaalden eenmalig gebruiken, na gebruik in naaldcontainer

© 2019 Steunpunt KOEL