1.3.1. Voorbereidingsfase

Randvoorwaarden
  1. Huisarts indiceert, delegeert en superviseert, past zo nodig insulinedosering aan en is algeheel eindverantwoordelijk. De huisarts moet kennis van insulinetherapie hebben door het gevolgd hebben van een basiscursus insulinetherapie in de 1e lijn. In een samenwerkingsverband moet minimaal een van de huisartsen kennis hebben van insulinetherapie. Bij afwezigheid moet de waarneming door competente collega geborgd zijn.
  2. Praktijkondersteuner geeft educatie, instrueert de patiënt, doet periodieke controles en past zonodig de insulinedosering aan. De POH moet aanvullende kennis hebben op gebied van insulinetherapie door het gevolgd hebben van een basiscursus insulinetherapie in de 1e lijn.
  3. Samenwerking met diëtist, internist en onafhankelijke diabetesverpleegkundige.
  4. Om de ervaring voor de praktijkondersteuner op peil te houden is het gewenst 8-10 patiënten per jaar over te zetten op insuline.
  5. Er moeten afspraken gemaakt worden omtrent de 24-uurs bereikbaarheid.
  6. In de instelfase moet de huisartsenpost hierover ingelicht worden.
  7. Er moet de mogelijkheid zijn om te kunnen starten met insulinetherapie op maandag of dinsdag.

© 2019 Steunpunt KOEL